#ouderzonden – Hoofdzonde 6: Ira oftewel woede

In de ideale wereld hebben we allemaal voorbeeldige kindjes en zijn wij ouders die nooit hun geduld verliezen. De wereld is echter verre van ideaal en wij verre van perfect. Dus ja, wij worden al eens boos op onze schatten van kindjes. De zesde #ouderzonde is dan ook Ira, woede. Waarmee duwen je kinderen op jouw (spreekwoordelijke) knoppen?

Ik ga deze vraag beantwoorden met enkel Sep in mijn hoofd. Warre is amper een jaar oud en hoewel hij wel een clever ventje is dat goed genoeg weet wat hij wel en niet mag, toch laat ik hem erbuiten. Hij is nog op onderzoek, aan het verkennen waar de grenzen liggen. Veel van zijn acties zijn nog impulsen, daar kan je niet kwaad om worden. Daarin moeten we hem sturen. Ook Sep zit nog in een fase waar hij uit moet groeien en bij een paar van onderstaande zaken weet ik dat hij er niet aan kan doen. Maar het neemt niet weg dat ik behoorlijk mijn geduld kan verliezen. Vooral als ik moe ben nadat zowel Sep als Warre een slechte nacht hadden.

Wat iedereen in onze omgeving al wel gemerkt heeft, is dat Sep traag is. Niet intellectueel gezien, verre van. Maar in zijn handelingen. Niet omdat hij het motorisch niet kan, absoluut niet. Gewoon omdat hij het op zijn tempo wil doen. Je kan hem ook op geen enkele manier opjagen zonder een driftbui over je heen te krijgen. Omdat hij eerst nog alle blokken op een rijtje moet leggen. Omdat hij eerst nog iets wil drinken. Omdat hij eigenlijk liever heeft dat we hem helpen (de luiaard!). Omdat hij afgeleid is door een pluisje op de vloer. Omdat hij na 6 keer nog niet gehoord heeft dat WE NU ECHT WEL DOOR MOETEN. You get my drift… Heel vervelend, vooral op een weekochtend, als hij op tijd op school moet zijn en wij op ons werk. Dan durven we ons geduld al eens te verliezen. We weten ondertussen wel dat we met hem een halfuur op voorhand moeten beginnen met ons klaar te maken, maar dan nog…

Nog zoiets, dat gelukkig niet zo vaak voorkomt, is zijn besluiteloosheid. Als hij na 10 minuten twijfelen eindelijk beslist dat hij een appel wil, dan ben je blij dat je die appel in stukjes kan beginnen te snijden. Als je die dan onder zijn neus schuift, komt daar plots die pruillip en het zinnetje “maar ik wil geen appel, ik wil een banaan!” AAAAAAARGH We troosten ons met het idee dat dit maar een fase is (toch??). En dat hij over een paar jaar gewoon zelf zijn appel neemt. Of zijn banaan.

Ik steek het voorlopig nog op de terrible three, maar dat wenen/kwaad worden zonder reden is soms behoorlijk lastig. Of soms is er wel een reden, die hij na zijn eerste snik al vergeten is. Of soms is de aanleiding zo klein (in onze ogen), dat die de driftbui niet waard is. Wat zal ik blij zijn als hij zijn gevoelens leert te uiten. Zeggen ze trouwens niet dat deze fase een voorsmaakje is van de puberteit? Dan hou ik mijn hart al vast…

O ja, het beste van al is dat al het bovenstaande gecombineerd wordt tot een serieus ochtendhumeur. Tof ze 🙂

Waarmee kan jij bij je kinderen echt wel eens je geduld verliezen?
Mijn andere #ouderzonden lees je hier. Die van andere bloggers lees je hier.

Superwoman van 10 naar 1

Ik zag dit “stokje” passeren bij o.a. Kelly, Kelly en Josefien en het leek me wel leuk om nog eens wat feitjes over mezelf met jullie te delen. Als jullie je geroepen voelen om hetzelfde te doen, daarvoor zijn de comments! Of laat een link achter naar jouw blog, dan kom ik zeker lezen!

10 dingen over mezelf

Taalnazi / sporter met zin voor afwisseling / controlefreak / psychological work in progress / zorgzaam / altijd met eten bezig / music is my life / niet altijd even elegant / niet bang om mijn handen vuil te maken / introvert podiumbeest

9 dingen die ik leuk vind

verse bloemen in huis / zingen (soms tot ergernis van mijn naasten) / de eerste tekenen van de lente / event planning / etentjes (thuis of op restaurant, met 2 of een hele bende) / organiseren en ordenen / het perfecte interieur-idee krijgen en uitvoeren / koken / onverwachte, hilarische quotes van Sep

8 dingen die ik niet leuk vind

onrechtvaardigheid / tegenliggers op een veel te smal landweggetje / arrogantie / Bazart (en daarmee haal ik nu waarschijnlijk de toorn van half vrouwelijk Vlaanderen op mijn nek) / mijn eigen eeuwige getwijfel (aan mezelf) / bloemen die veel te snel verwelken / ziek zijn en zo anderen tot last zijn / mensen die afspraken of een planning niet nakomen en zich daar niets van aantrekken

7 plekken waar ik graag ben

bij mijn mannen / in de veranda bij mijn ouders / alleen in mijn auto op een wegje tussen de velden, met goeie muziek op de radio / eender welke stad die me weet te raken / in mijn keuken / op de koersfiets langs de Schelde / aan de tafel aan het schrijven met zicht op ons zonnige tuintje

6 manieren om mijn hart te winnen

oprecht zijn / het nieuwe gerecht dat ik je voorschotel met veel smaak binnenspelen / humor hebben en van mijn humor houden / in mij geloven en mij motiveren / onbevooroordeeld zijn / relativeren wanneer ik dat niet kan

5 plaatsen waar ik nog / terug heen wil

opnieuw: New York / Algarve
voor het eerst: roadtrip USA / Noorwegen / Zuid-Afrika

4 dingen waar ik niet zonder kan

muziek / horloge / eten / sport op tijd en stond

3 lievelingsliedjes (in willekeurige volgorde)

echt, maar 3 ??????
Listen to the man – Georges Ezra (openingsdans – duh!)
Better together – Jack Johnson
Make it bun dem – Skrillex & Damien Marley (feestje!)

2 wensen

Dat ik en iedereen die ik graag zie gelukkig en gezond mag blijven
Wat meer rust in mijn hoofd

1 laatste woord
çava

#ouderzonden – Hoofdzonde 5: gula

De vijfde ouderzonde in de reeks is Gula: onmatigheid – gulzigheid – vraatzucht. Met als vraag: Wat kan je je kinderen nooit weigeren wanneer ze erom vragen?

We houden het kort deze week, want typen met 1 hand is f*cking lastig!

Liefde. Du-uh! Mijn kinderen kunnen mij niet vaak genoeg om een knuffel of een kus komen vragen. Ze moeten er zelfs niet om vragen. Met liefde voor je kinders kan je niet vrijgevig genoeg zijn, vind ik. Hen graag zien is één ding, het hen tonen en laten voelen in grote en kleine gebaren is nog iets helemaal anders. Ja, ook als ik kwaad ben. Ook als Sep gestraft is, zal ik hem nooit een knuffel ontzeggen. Misschien ben ik dan wel een watje in de ogen van sommigen, maar ik voel dat hij het net dan meer nodig heeft. Ook al ben ik boos om wat hij gedaan heeft, toch zie ik hem nog graag om wie hij is, dat moet hij blijven voelen.

Nog één koekje/Paw Patrol aflevering/verhaaltje… Denk hierbij grote puppy-ogen, pruillipje, een heel hoog stemmetje en één opgestoken kleutervingertje. Bij sommige zaken is het gemakkelijk om na één te stoppen, maar andere, zoals een verhaaltje, vind ik zelf ook zo leuk 🙂 Dan is nog ééntje ook niet zo erg hé 😉

Voor de rest is het een beetje geven en nemen. Als Sep heel braaf geweest is in de winkel, zet ik mijn persoonlijke afkeer voor het vullen van de zakken van mijnheer Verhulst wel een keertje opzij voor een pakje Plop-worst. Als het kind daarmee gelukkig is…

Serieus, ik heb al een halfuur gedaan over dit kleine stukje. I’m out! Langere stukken komen weer als ik sneller leer typen met 1 hand of als ik weer beide handen kan gebruiken.

Wil je meer leesvoer? Mijn vorige #ouderzonden-stukjes vind je hier. De ouderzonden van andere bloggers vind je dan weer hier.

Het is echter niet omdat ik niet goed kan typen, dat ik niet meer kan lezen! Ik lees graag in de comments wat jij je kind(eren) nooit kan weigeren. Of zet er een linkje naar jouw blog en dan kom ik wel lezen, ik heb nu toch tijd genoeg 🙂

 

 

#ouderzonden – hoofdzonde 4: Invidia

Deze week laten we het groene monster in ons los. Wat benijden we bij andere ouders? Wat zouden we zo van hen willen overnemen, mochten we kunnen? Het is de vierde hoofdzonde in de #ouderzonden reeks. Mijn vorige drie ouderzonden lees je hier, hier en hier.

Jaloezie dus. Ik ga niet zeggen dat ik absoluut niet jaloers ben. Maar het is niet zo dat ik echt een venijnig groen monster op mijn schouder heb zitten dat andere mensen niets gunt. Integendeel. Ik vergelijk wel veel. Te veel! En als ik dan zie hoe anderen – schijnbaar moeiteloos – slagen in iets wat bij mij met de beste wil van de wereld niet wil lukken, dan voel ik me slecht, ja. Over mezelf, welteverstaan. Ik ben heel blij voor een ander, want dat kan ik dan wel perfect. Maar dat stemmetje in mijn hoofd is er dan weer met zijn “zietsiewel, gij kunt dat niet/zijt niet zo goed / …”.

Ik dacht dus dat dit wel een gemakkelijke opdracht ging worden. Gewoon eens opsommen wat andere ouders zoveel beter doen dan ik. Maar de woorden vloeiden toch niet zo vlot uit mijn vingers. Hoe meer ik erbij nadenk, hoe meer ik besef dat elke ouder gewoon zijn best doet en dat een ander zijn methode niet beter of slechter is dan die van mij. Ik ben wel een grote voorstander van de ouder-community waarin we allemaal vriendjes zijn en elkaar steunen met herkenbare verhalen of tips. Ik geef tips aan wie het vraagt, maar ik neem interessante ideeën ook graag mee naar huis. Zoals dat van die kookwekker.

Ik heb geleerd dat vergelijken niet goed is voor mij (voor niemand eigenlijk). Kijken naar wat andere ouders zeggen, tonen… Je kent nooit het hele verhaal, dus waarom oordelen op basis van wat je ziet via hun sociale media of van wat ze je vertellen of laten zien? Daarom kijk ik enkel naar mezelf. Welke eigenschap zou ik nog willen in mijn ouderschap? Niet omdat een ander er zoveel beter in is, maar omdat het mij zelf stoort.

Dan kom ik eigenlijk op 1  belangrijke: creativiteit. Ik kan behoorlijk creatief zijn met woorden, maar laat me geen hele namiddag knutselen met mijn kleuter. Veel verder dan wat kleuren of een beetje klooien met wat plasticine kom ik niet. Gelukkig is creatief bezig zijn ook niet direct Sep zijn favoriete hobby. Ik heb natuurlijk wel een hele doos knutselmateriaal, maar daarvan wordt bitter weinig gebruik gemaakt. Hij is het ook altijd na 5 minuten beu. Laat hem maar met zijn dokterstas spelen of met zijn gereedschapskist. Daarmee kan hij uren bezig zijn. Of met lego huizen bouwen, samen met zijn papa of zijn opa, of zijn meter!
Maar niet alleen het kunstzinnige gaat volledig aan mij voorbij, ook van algemene creativiteit op het vlak van activiteiten kiezen heb ik niet veel meegekregen. En dat vind ik misschien nog spijtiger. Veel verder dan eens gaan zwemmen of naar een speeltuin bij goed weer kom ik niet. Of ik moet al eens wat opzoekwerk gedaan hebben en toevallig op een zalig museum stoten. Maar ik krijg al stress als ik weet dat ik een hele dag alleen met Sep thuis zal zijn. Niet om het kind, want hij is zo grappig en schattig als maar kan, maar ik heb zoveel schrik dat hij zich steendood zal vervelen met mij. Het komt altijd wel goed, met gezelschapsspelletjes en meehelpen koken enzo. Maar toch, ik denk altijd dat ik hem niet genoeg aanbied buitenshuis. Tips zijn dus welkom! 🙂

Meer “nijd” kan ik niet bedenken. Ik zal wel eens denken van “ah, zo doet die dat” of “amai, hoe die dat allemaal combineert” of “wat ziet zij er goed uit, met haar huilbaby en gebroken nachten”. Maar dan besef ik dat ik het eigenlijk helemaal niet zo slecht doe. Mijn kinderen zijn gelukkig. En dat is wat telt, toch.

En jullie? Hebben jullie soms wel een groen monstertje op die schouder? Of welke eigenschap zou je jezelf graag toe-eigenen?  

 

Shit man, twaalf jaar al!

November 2005

Na de laatste les van de dag haast ik me naar het station. De trein van 17u zit al goed vol, maar ik weet toch nog een plaatsje te bemachtigen. Ik leun met mijn hoofd tegen het raam en kijk dromerig voor me uit. Enkele rijen verder zie ik hem zitten. Nonchalant tegen het raam, met zijn gezicht naar mij.
Hij stapt net als ik uit in Oudenaarde. We stappen op dezelfde overvolle bus. Aan de eerste halte komt er nog een lading scholieren bij. We moeten opschuiven, ik word bijna tegen hem geduwd. We komen recht tegenover elkaar te staan. Te verlegen om iets te zeggen, sla ik mijn ogen neer. Ze blijven hangen op zijn broeksriem. Zwart met oranje bloemen. Wat je zou verwachten bij een softe hippie, niet bij een stoere kerel met piekhaar, een sikje en bakkebaarden. Het maakt hem nog aantrekkelijker en tegelijk wat mysterieuzer. Ik stap af met een gigantische glimlach op mijn gezicht.

Februari 2006

De eerste examenperiode aan de unief zit erop. Op de trein zie ik hem weer. In de afgelopen maanden zag ik hem al een paar keer, maar nog steeds durfde ik nog niets tegen hem te zeggen. Serieus, die is toch veel te cool voor mij! Dan maar van ver subtiel staren en verliefd worden.
Het is kalm aan de bushalte. Ik neem me voor om straks naast hem te gaan zitten en een gesprek te beginnen. Mijn goede voornemen wordt algauw tenietgedaan als een oud klasgenootje bij mij komt staan en honderduit begint te vertellen. Mijn plan wordt opgeborgen tot een volgende keer.
Voor ik opstap werp ik hem nog een glimlachje toe. Hij komt op het bankje naast het onze zitten. Hij trekt zich niets aan van mijn andere gesprekspartner en spreekt me aan. (Wat er gezegd is, weet ik niet meer. Maar ik weet dat ik hem bij mijn halte achterliet met een briefje met mijn gsm-nummer in zijn hand.) 

Tijdens een volgende busrit samen, spreken we een datum af voor een echte date. Op 16 februari, na mijn dansles.

14 februari 2006

Ik heb net de kindjes van de buren in hun bedjes gelegd en heb me in de zetel genesteld in de hoop dat ze niet meer wakker worden voor hun ouders thuis zijn. Ik word opgeschrikt door een sms’je. Hij is het. Om me een gelukkige Valentijn te wensen. Niet meer. Niet minder.

16 februari 2006

Na de dansles fris ik me snel op en trek ik een truitje aan waarvan ik weet dat het me wel mooi staat. (Wat zeg ik, alles stond goed op het moordlijf dat ik toen had.) Mijn mama is bijna even zenuwachtig als ik. Want uiteraard had ik er haar alles over verteld. Of ze is vooral nerveus voor het feit dat die punker met haar dochter door Oudenaarde gaat rondrijden. Als de bel gaat, staat zij dan ook als eerste aan de deur. Hij is beleefd, heel vriendelijk én er staat een schattige Twingo van zijn mama voor de deur. Goedgekeurd! “We gaan niet lang weg zijn hoor, gewoon iets kleins gaan drinken.”

17 februari 2006 – 02u

De avond ging veel te snel voorbij. Plots is het al 17 februari en loopt het café leeg. We besluiten een einde te maken aan onze date. Met spijt in het hart, want we zijn nog lang niet uitgepraat.
Hij brengt me veilig en wel naar huis en we sluiten een mooie avond af met een kus.

En de rest is geschiedenis…

#ouderzonden – Hoofdzonde 3 – Luxuria

Pfff, de moeilijkste van alle vragen die Romina en Annelore stelden in de #ouderzonden reeks. Voor mij dan toch. Wat doe je om jezelf graag te blijven zien en dit over te brengen aan je partner nu je in de eerste plaats vooral ‘ouder van …’ bent?

Ik wil hier niet de zware psycho-emotionele toer opgaan, dat doe ik ooit misschien eens in een ander blogje. Laten we gewoon zeggen dat het “jezelf graag zien” al heel lang mijn grootste werkpunt is. Het feit dat ik enorm streng ben op mezelf en mezelf weinig “gun”, is lastig voor mij. Dat zeker. Maar ik werk eraan en ik wil erop vertrouwen dat het ooit goed komt.
Ik weet immers goed genoeg dat het belangrijk is om voor mezelf te zorgen en te genieten van mijn eigen momentjes. De yoga, vriendinnen-dates, een toertje fietsen… Ik doe die dingen ook allemaal, omdat ik voel dat ze mij goed doen. Maar altijd zit er een duiveltje op mijn schouder dat me schuldgevoel aanpraat omdat ik “mijn kinderen wéér bij oma en opa achterlaat” of “dat ik toch beter eerst mijn huis had gekuist voordat ik vertrok” of …

Maar dat lage zelfvertrouwen heeft ook een impact op mijn relatie, dat durf ik hier voor het eerst toe te geven. Ja, ik ben amper een jaar geleden bevallen van mijn tweede kindje. Ik moet al niet meer vertellen wat dat doet met een lichaam, zeker? En ja, ik ben trots op wat dat lichaam gepresteerd heeft, het is ook niet niets hé! En ja, ik weet dat het tijd nodig heeft om te herstellen en dat het er nooit meer uit zal zien zoals toen ik 18 was. Maar ja, ik let op elke imperfectie en dat maakt me onzeker. Hoe vaak mijn wederhelft me ook verzekert dat hij me nog altijd even mooi (of zelfs mooier) vindt, ik zie toch vooral die blubberbuik en de wallen tot op mijn kin. Sexy hé… 

Amai, als je dat allemaal leest, dan kan je je wel inbeelden dat er van romantiek bij ons niet veel sprake is.
Tja, ne mens kan zich al eens vergissen!

Tussen de kinderen, Koen zijn drukke agenda en mijn onzekerheden door, zoeken we elkaar altijd weer op. Want wij zijn in de eerste plaats Koen en Delphine, twee individuen die 12 jaar geleden ontdekten dat we als duo nog beter zijn dan alleen. Ondertussen zijn we ook “mama en papa” geworden, ja, maar we zorgen dat onze rol als “ouders van” niet op de eerste plaats komt. Ook al zien we onze zoontjes doodgraag en geven we hen alle aandacht die ze nodig hebben, we weten goed genoeg dat we als team betere ouders zijn. Dus werken we aan onszelf als koppel.

De romantiek zit soms in kleine dingen, zoals:

  • We letten erop dat we elkaar altijd aanspreken met onze voornaam of koosnaam. Geen mama en papa tegen elkaar. Voor elkaar blijven we Koen en Delphine of lieverd/liefje/schat…
  • Kleine “insiders” tussen ons waarbij we in elke situatie elkaar eventjes kunnen opzoeken en steun kunnen bieden. Al is het maar voor een seconde. Al is het maar met één blik.
  • Koen die een donut met roze glazuur meebrengt op Valentijn. Ook al “doen we daar niet aan mee, aan dienen commerciëlen boel, jong!”. Het maakt me ook niet uit of het op 14 februari is of 14 maart, het feit dat hij met zulke kleine dingen afkomt, toont dat hij aan mij denkt.  En ik geef hem dan natuurlijk een (klein!) stukje van die donut, als dankjewel. Zo lief ben ik ook wel voor hem 🙂 🙂
  • Een knuffel of een kusje tussen alle hectiek door en we kunnen weer verder.

Maar de romantiek zit soms ook in grotere dingen, bijvoorbeeld:

  • Als één van ons beiden het gevoel heeft dat we al een paar dagen / weken langs elkaar heen leven en teveel “mama en papa” zijn of elkaar door werk / sociaal leven letterlijk bijna niet zien, dan boeken we hotel oma voor de kinders en reserveren we een restaurantje voor onszelf. Geen smartphones. Gewoon babbelen. Hij en ik ‘op date’, net als vroeger. Echt, doén jong, de beste raad die ik je kan geven! Gewoon even weg van thuis – al is het naar de pizzeria in de buurt – en babbelen. En liefst niet over de kinderen. De zaligheid, ik zweer het u! Maar ga het huis uit. Als je thuis zit, dan zie je altijd wel nog iets dat je moet doen of dat je terugbrengt bij het onderwerp “de kinders”. En dat willen we niet. Achteraf samen thuiskomen in een stil huis en weten dat je geen kleutergetrappel zal horen op de gang om 5u30, het doet wat met een mens, dat kan ik u wel zeggen 😉
  • Elk jaar gaan we 1 keer met ons twee op citytrip, in de week dat we ons X aantal jaar samen vieren. Dit weekend is het weer van dat. Van zaterdag tot zondag gaan we naar het exotische Gent. Het hoeft niet altijd New York of Parijs te zijn hé 😉 En Gent is de max, waar!

Voor mij is het gewoon belangrijk dat we er ons bewust van blijven dat we tijd moeten maken voor elkaar en voor onszelf. Want een week is snel voorbij!

Hoe zit het trouwens met jullie me-time en us-time? 

 

#ouderzonden – Hoofdzonde 2: Hebzucht – gierigheid

Wat zou je nooit met je kinderen delen? Vraag twee in de #ouderzonden reeks. Hmm, even denken!

Mijn Ferrero Rochers! Maar to be fair, op dit moment mag Sep dat gewoon niet eten, tenzij we een tripje naar de Spoed willen maken. En Warre is nog te klein voor snoep en chocolade.

Maar voor de rest? Ik weet wat je zou verwachten. Dat ik mijn angsten nooit met mijn kinderen zou delen. Of bepaalde duistere geheimen uit mijn verleden (als die er al zijn…). Dat zou misschien het intellectuele antwoord op deze vraag zijn. Het klinkt alleszins alsof er meer over nagedacht is dan “mijn Ferrero’s”.
Ik denk dat onze kinderen nog te klein zijn om daar nu een deftig antwoord op te kunnen geven. Naarmate ze ouder worden en er meer vragen komen, zullen wij afhankelijk van de situatie wel inschatten of we iets met hen delen of niet. En of we het überhaupt ooit zullen delen of niet.
Ik wil wel open zijn naar mijn kinderen toe. Dus als ze vragen hebben over bepaalde zaken, zal ik het hen zo goed mogelijk proberen uit te leggen, als ik van oordeel ben dat ze dat op dat moment aankunnen.

Als we het dan over materiële zaken hebben, is het nog moeilijker (behalve de Ferrero’s dan). Mijn trouw- en verlovingsring. Momenteel zijn die dingen enorm aantrekkelijk voor de kleine baby- en peutervingertjes. Maar neen, het is geen speelgoed. *insert babygekrijs*
Uiteraard is dat gewoon ook omdat de kindjes op deze leeftijd nog niet kunnen omgaan met die dingen. Zo zijn er nog andere spullen die we nu angstvallig van hen weghouden, maar die ze later wel zullen mogen aanraken. Als ze beseffen wat het is en hoe ze het met respect moeten behandelen. Zoals de platenspeler. Koen zijn haren gaan al rechtstaan als hij Warre er nog maar naar ziet kijken. Maar ik weet zeker dat ze over een paar jaar samen eens een plaat zullen opleggen om te genieten van de muziek. Want ja, wij delen maar al te graag onze goeie muziek met hen. Zo moeten zij geen kinderliedjes met ons delen 😉

Nog meer input van mijn wederhelft in dit onderwerp: “onze tijd samen”. Awel ja, eigenlijk wel. We zijn doodgraag bij onze kindjes, maar we hebben af en toe nood aan wat tijd voor onszelf als koppel. Kleine momentjes waarop we niet aan de kinderen denken. Momenten waarop we even terug Delphine en Koen zijn, niet mama en papa.
Jep, daar kan ik me wel in vinden. Schrap al het vorige! Ik neem dit als antwoord!
Of nee, behoud de Ferrero’s toch ook maar 🙂

En jij? Wat zou jij nooit delen met jouw kind(eren)? 

P.S.: wil je lezen wat andere bloggers nooit met hun kroost zouden delen. Je vindt ze hier!

 

#ouderzonden – Hoofdzonde 1: eigen stoef stinkt (maar nu niet)

Een tijdje geleden las ik bij Romina over een nieuwe blog challenge die zij en Annelore de wereld instuurden: #ouderzonden. Naar analogie met de 7 hoofdzonden worden bloggers uitgenodigd om 7 weken na elkaar een post te schrijven over het ouderschap. Als er nu iets is dat ik graag heb, dan is het extra bloginspiratie!

Met de eerste hoofdzonde ben ik al een dag te laat (en het is niet eens die van de “traagheid” deze week…). Dat begint al goed. Maar soit, beter laat dan niet.

Het is wel meteen al een leuke deze week: hoogmoed. Eens stoefen op je eigen ouderschapskwaliteiten. De psycholoog zou het graag lezen (I’ve got this thing with laag zelfbeeld en weinig zelfvertrouwen enzo…). Eens verplicht zijn te zeggen waarom ik trots ben op mezelf, het zal me goeddoen.

Al moet ik wel toegeven dat het ouderschap één van de weinige (misschien wel het enige) dingen is waarbij mijn zelfvertrouwen geen boost nodig heeft. En wel om deze redenen:

Ik durf bij het mama-zijn echt wel te vertrouwen op mijn buikgevoel. Ik ben iemand die nogal wat bevestiging nodig heeft. Maar bij mijn kinderen krijg ik constant feedback. Ik zie dat mijn kinderen gelukkig zijn, goed gevoed en welopgevoed. Ik krijg ook vaak van anderen te horen hoe flink, beleefd en mooi mijn kinderen zijn. Tja, dan zal ik wel iéts goed doen zeker. Allez, wij doen iets goed. Ik doe het niet alleen hé. Mijn man en ik vormen echt een team! Maar nu gaat het eventjes alleen maar over mij, sorry Koen 😉

Het klinkt misschien ouderwets, maar ik sta echt op beleefdheid. Goeiedag zeggen, dankjewel en alsjeblieft… Het zijn kleine woordjes, kleine gebaren die zoveel betekenen. Het toont respect voor de ander. Mijn kindjes zijn nog jong, dus ik begin bij de kleine dingen om hen zo op te voeden tot respectvolle mensen. Ze moeten durven zeggen wat er op hun lever ligt, ze moeten voor zichzelf durven opkomen, maar ze moeten dat altijd op een respectvolle manier doen. 

Verdergaand op dat R.E.S.P.E.C.T. wil ik ook dat ze openstaan voor anderen. Anderen niet veroordelen. Je kent nooit het hele verhaal. Ziet die persoon er anders uit dan jij? Vindt die andere dingen leuk dan jij? Dat kan allemaal. Het is ook niet erg als je zelf andere dingen leuk vindt dan ik. Het is moeilijk om dat aan een 3-jarige uit te leggen (laat staan aan een 1-jarige), maar ik geef zelf het goede voorbeeld, dus ze krijgen het sowieso mee.

Ik ben een zorgende mama en een knuffelende mama, maar ik ben absoluut niet de overbezorgde moeder die ik vreesde te worden. Ja, kinderen vallen eens. En nee, je kan ze niet elke seconde in de gaten hebben. Ik zeg niet dat ik ze hun gang laat gaan, maar ja, ik laat ze al eens in de zetel springen. Met een hele hoop kussens errond 🙂 En valt er al eens eentje op zijn knie, dan zijn er mama’s toverkusjes die het allemaal beter maken. Ik vind van mezelf dat ik een mooi evenwicht gevonden heb tussen “laisser-faire” en “helikoptermama”. Pick your battles en prioriteiten stellen, zoiets.

Ik vind gezond eten belangrijk, maar overdrijf ook niet. Ik vind het belangrijk dat mijn kinderen gezond eten. Fruit, groenten, heel gevarieerd. Ik bied mijn kinderen geen cola aan (Sep heeft het 1 keer geproefd en lust het toch niet, score!). Ik geef hen water en melk en af en toe vers appelsap van de appels van oma en opa. Of versgeperst sinaasappelsap. Andere frisdranken hebben we gewoonweg niet in huis, dus ze kunnen ook niet in de verleiding komen. Maar ik ben ook geen heilige en dat moet ook niet. Ja, mijn kinderen krijgen al eens een koekje. Ja, het eerste wat Sep at nadat we wisten dat hij niet meer allergisch is aan eieren, was een pannenkoek. ’t Zal wel zijn! En ja, hij eet graag boterhammen met choco en speculoospasta. Maar hij eet ook graag kippenwit of kaas. Ik beweer niet dat hij alles lust, integendeel. Het is geen gemakkelijke eter. Warre is daar gemakkelijker in. Maar het is niet omdat hij prei vies vindt, dat je het nooit meer moet aanbieden. Anyway… wat ik dus wil zeggen met veel te veel woorden: gezond eten is belangrijk, maar eens zondigen kan geen kwaad. Een beetje zoals de 80/20-methode voor kids 🙂

Ik zorg dat mijn kinderen ook eens buiten hun veilige coconnetje komen. Ja, Sep is al meegegaan naar Italië voor een bierfestival. Ja, Warre ging op zijn 4 weken mee naar een brouwersevenement. We gaan op reis met onze kinderen, we gaan met hen wandelen, we maken uitstapjes. Het maakt dat ze de wereld en alles en iedereen die erop te vinden is leren kennen. Open minded en nieuwsgierig. Twee eigenschappen die ik hen heel graag bijbreng!

Het is veel tekst, I know. Dat gebeurt wel eens als ik gewoon begin te schrijven en het niet twee dagen later herschrijf. Dit schreef ik in het halfuurtje dat de zieke Warre sliep. Nu hoor ik hem wakker worden en is het tijd om te eten. En tijd om op “publish” te klikken. Hope you enjoyed it!

Is het dan bijna zomer?

Terwijl mijn collega’s discussiëren over wie nu het beste skigebied gekozen heeft voor zijn jaarlijkse krokusvakantiereis, zit ik al te dromen van de zomer.

Normaal gezien vind ik de winter nog niet zo slecht. Ingeduffeld in de koude, soms zelfs met wat sneeuw erbij (hoe alles plots stil is en gedempt klinkt als het gesneeuwd heeft, daar hou ik zo van!). De dikke truien en series of films kijken op zondagnamiddag onder een dekentje. De kaarsjes om het gezellig te maken. Ja, het heeft wel iets, dit seizoen.

Behalve dit jaar.
Het is toch niet zo koud als het moet zijn en de verwarming op kantoor is niet altijd even goed te regelen, waardoor de dikke truien nog niet zo vaak het daglicht zagen.
Het regent, het is grijs en somber. De kaarsjes hebben niet meer gebrand sinds oudejaarsavond.
Het is ten huize Superwoman ook de winter van ziek zijn. Combineer eens een niet te onderschatten slaaptekort met twee jonge kinderen die bacteriën verzamelen in de crèche en op school. Dé perfecte mix om van ziekte naar ziekte te gaan! Eerst de verkoudheden, dat smerige RSV en de bronchitis, dan de virale darminfecties en nu is de griep in da house
Ik hoef je waarschijnlijk al niet meer te vertellen wat dit allemaal met een mens doet. Energiepeil en gemoed zitten bij momenten ver onder nul.

Daarom dromen we al van de zomer. Allez, de lente mag ook. Zon eigenlijk. Een dag zoals gisteren is al een goed begin, weersgewijs. Ik droom al van een rustige zomer om onze weg te zoeken met een kleuter die 2 maanden thuis is. Een zwembadje in de tuin en warme zomeravonden op ons terras. Gaan fietsen in short en t-shirt in plaats van met 5 lagen kleren en van die “sokjes” over mijn schoenen. Uitstapjes met het gezin, met vrienden en familie.
En veel beter licht om mooie foto’s te maken! Als blogger niet onbelangrijk, natuurlijk 😉

Misschien droom ik ook al net iets te ver weg: we zijn immers begonnen met de zoektocht naar de ideale vakantielocatie met onze 2 pagadders in Frankrijk. Tips zijn trouwens meer dan welkom 🙂 

Oh kijk, terwijl ik dit berichtje schreef, hield het op met regenen en kwamen er al een paar zonnestraaltjes door de wolken heen.

Als je het maar hard genoeg wilt, hé…

 

Ik heb geen tijd om het te druk te hebben

Photo by Glenn Carstens-Peters on Unsplash

Ik lees en hoor het overal. Iedereen heeft het te druk. Het voornemen voor het nieuwe jaar om wat vaker “neen” te zeggen. Want er zijn teveel feestjes, teveel leuke projecten, teveel sociale verplichtingen, teveel verwachtingen. Vaak naast een fulltime job en een stel koters.

Overvolle agenda

Mensen denken dat van mij ook. Twee kinderen, een bijberoep, een blog én een man die een eigen brouwerij heeft. Dat is toch vragen om een overvolle agenda!

Mijn man heeft het druk, ja. Veel vergaderingen of evenementen, werken in het weekend en op feestdagen. Maar hij kan ook wel eens op rustige dagen wat langer in bed blijven en maar om 8u gaan werken i.p.v. om 7u. Of wat vroeger thuiskomen om te helpen de kinderen in bed te steken – meestal om daarna nog achter zijn bureau te kruipen, maar soit.

Maar ik?
Ik zou het druk kunnen hebben. Mocht ik een fulltime job hebben. Ik werk 3/5, dus dat valt behoorlijk mee. Maar Delphine, wat dan met je bijberoep? Ja, oké, maar ik verdrink (nog) niet in de opdrachten. Ik kan het allemaal nog mooi bolwerken, nikske overwerkt.

Oké, goed, je werkt niet meer uren dan een ander. Maar je hebt toch nog die blog! Akkoord. Ik heb die blog. Heb je die al eens goed bekeken? Ik schrijf wanneer ik er zin in heb. Ik schrijf niet omdat het “moet”. Soms is dat 3 keer op één week. Soms is dat 3 weken niet. Ik heb niemand die mij opdraagt wanneer of waarover ik moet schrijven. Ik heb geen duizenden volgers en word ook niet wekelijks als influencer (urgh, echt, spreekt iemand dat woord ooit uit in een serieuze conversatie??) uitgenodigd op de meest fancy feestjes of de hipste press days. De meeste foto’s die je ziet op mijn Instagram zijn ook van thuis of van tijdens een familie uitstapje. En van de kids. Als ik er al eens alleen (al dan niet met mijn wederhelft) op uit trek, dan geniet ik en vergeet ik dat ik een smartphone heb. Dus neen, je ziet weinig of geen foto’s van mij op feestjes of andere hippe uitstapjes.

A two-way street! 

Het is trouwens ook een wisselwerking. Ik word niet uitgenodigd door pr-bureaus, omdat mijn blog nog niet zo populair is. Maar zelfs als ik wel veel volgers zou hebben, dan nog zou het niet blijven duren. Ik zou vaker niet dan wel op uitnodigingen ingaan. Ik kom maar weinig uit mijn kot voor feestjes of workshops of wat dan ook. Zelfs met mijn beste vriendin moet ik de dates tot 3 maanden op voorhand vastleggen. Het meeste sociaal contact heb ik nog met de apothekeres waar ik de poedermelk voor Warre koop.

Het is niet dat ik me thuis opsluit en niet wil buitenkomen. Het lukt mij gewoon niet. Ik moet aanvaarden dat ik op dit moment in het stadium zit waarbij mijn kinderen mijn leven overheersen. Het lukt mij om naast mijn job(s) mijn huishouden ongeveer goed te laten lopen (als je maar even over de lading strijk heen kijkt). Onze kinderen krijgen alle aandacht die ze nodig hebben, ze zijn (meestal) proper gewassen en gevoed. Als ze om 20u alletwee in bed liggen, ben ik een tevreden mama. Want dan heb ik tijd om aan de afwas te beginnen. Als ik tegen 21u nog niet uitgeput in de zetel neerval, schrijf ik soms nog wat. Maar meestal zit het er niet in. Meestal is er geen energie meer over. Want – enkele intermezzo’s tijdens de nacht niet meegerekend – om 6u is het weer gank.

En ook mijn omgeving denkt daar trouwens zo over, heb ik het gevoel. Delphine zal wel niet kunnen, met haar kinderen. Ik zal haar maar niet lastigvallen, ze heeft het waarschijnlijk wel druk genoeg.

Het is zo dubbel. Ik zou het graag wat “drukker” hebben. Wat meer te doen hebben, opnieuw wat socialer zijn. Maar dan moet ik tijd afnemen van mijn mama-tijd (of mijn slaap-tijd). En dat gaat voorlopig nog even niet. Dat wil ik nog niet. Mijn kindjes hebben mij nog te hard nodig. Ik kan geen tijd vrijmaken van mijn kindjes om mijn eigen agenda te vullen. Dat komt ooit wel. Maar nu nog even niet.