#ouderzonden – Hoofdzonde 7: Acedia -mañana mañana enal!

De zevende en laatste hoofdzonde in de #ouderzonden reeks van Romina en Annelore is Acedia: gemakzucht, luiheid, traagheid. Oftewel: hoe ga je om met de druk die van jongs af aan op kinderen (en dus ook hun ouder(s)) gelegd wordt. Doe je mee aan de ratrace of ben je meer manana manana?

Onze kinderen zijn 3 en 1, dus veel druk op vlak van studies, sociaal leven en hobby’s hebben we nog niet ervaren. Maar natuurlijk is er altijd wel dat vergelijken en dat “amai, kan die dat nog niet?” en dat “de mijne stapte al op 10 maand, ze!”. Awel, goed voor u. Die van mij waren 15 en 14 maanden bij hun eerste zelfstandige stapjes. En ik denk niet dat dat enige gevolgen heeft voor hun latere intellectuele en motorische ontwikkeling. Want wij hebben perfect normale, gezonde kinderen en zouden ons pas zorgen maken als de kinderarts zich zorgen maakt. Zoals het zo mooi in de boekjes van de Gezinsbond staat: het gemiddelde kind bestaat niet. Het ene kind is sneller in bepaalde zaken en trager in iets anders.

Die visie willen we doortrekken in de opvoeding van onze kinderen. Ikzelf heb me na mijn studies vaak “geplooid” naar wat anderen van mij wilden, wat anderen vonden dat bij mij paste of wat praktisch het beste was (“word maar leerkracht, dan heb je veel vakantie en ben je thuis als de kinderen – die ik toen bijlange nog niet had – thuis zijn”). Dat wil ik niet voor mijn kinderen. Ik wil dat mijn kinderen zelf hun passie zoeken. Is dat in den bouw of als chirurg, daarin zijn ze volledig vrij. Het enige dat ik wil is dat ze hun best doen als ze voor iets kiezen. Als ze een doel voor ogen hebben, dan moeten ze ervoor gaan en beseffen dat ze ervoor moeten werken. En ze mogen enkel naar zichzelf luisteren, niet naar de bekommernissen van anderen (zelfs van ons) die denken dat het te moeilijk is of niet praktisch of dat ze er niet rijk van gaan worden. Doe wat je graag doet, alsjeblieft! Wij zullen onze boys daarin uiteraard ondersteunen en begeleiden. Want op je 12 jaar weet je nog niet wat je de rest van je leven wil doen. Ik ben 30 en begin nu pas in te zien welke richting ik écht uit wil, wat IK WIL. Niet wat een interessant vervolg kan zijn op mijn studies. Van mij mogen mijn kinders zoveel studeren als ze willen. Doen ze daar nog een doctoraat bij of willen ze 3 diploma’s? Of willen ze op hun 18 gaan werken? Allemaal goed voor mij. Zolang ze hun best doen en niet opgeven bij de eerste hindernis. Zoeken hoort bij het leven (bewijsstuk nummer 1 is deze tekst aan het typen). Dus laat ze maar zoeken. Wij staan klaar met kompas en kaart.

Ook met hobby’s is dat hetzelfde. Ik zou het zeker de max vinden als één van mijn zonen breakdancer wordt of een muziekinstrument bespeelt en als ze naar de jeugdbeweging gaan. Ik wil echter geen geld uitgeven aan een hobby die ze alleen maar doen omdat wij willen dat ze dat doen. En nog minder omdat “de maatschappij” vindt dat ze dat moeten doen. Laat een kind een kind zijn. Voldoende beweging is belangrijk, maar dat kan ook in de tuin met een bal of de fiets. Dat hoeft niet per sé op voetbaltraining te zijn. Willen ze daarnaast nog een creatieve hobby? Be my guest!

We go with the flow enal als het op de opvoeding van onze kinderen aankomt. Wij kunnen hen alleen maar bepaalde waarden en normen meegeven en hen zoveel mogelijk laten proeven van de wereld. Als ze opgroeien tot open minded, beleefde en gedreven jongens, dan kunnen wij alleen maar blaken van trots. 

Zo, dit was het in deze reeks (de andere hoofdzonden vind je hier) . Het deed me nadenken over mijn opvoedingsfilosofie. Bij sommige onderwerpen – zoals bovenstaande – was het wat gokken naar hoe we het later zullen aanpakken. Ik heb geen glazen bol en over 5 jaar zal ik misschien heel anders over bepaalde zaken denken. Maar dit is hoe ik het nu voor ogen heb. We zien wel hoe het uitdraait. Jullie zullen het alleszins kunnen volgen op deze blog!

En hoe is dat trouwens bij jullie? Ervaring met de ratrace en de druk? Of glijdt dat allemaal van je af?

 

#ouderzonden – Hoofdzonde 5: gula

De vijfde ouderzonde in de reeks is Gula: onmatigheid – gulzigheid – vraatzucht. Met als vraag: Wat kan je je kinderen nooit weigeren wanneer ze erom vragen?

We houden het kort deze week, want typen met 1 hand is f*cking lastig!

Liefde. Du-uh! Mijn kinderen kunnen mij niet vaak genoeg om een knuffel of een kus komen vragen. Ze moeten er zelfs niet om vragen. Met liefde voor je kinders kan je niet vrijgevig genoeg zijn, vind ik. Hen graag zien is één ding, het hen tonen en laten voelen in grote en kleine gebaren is nog iets helemaal anders. Ja, ook als ik kwaad ben. Ook als Sep gestraft is, zal ik hem nooit een knuffel ontzeggen. Misschien ben ik dan wel een watje in de ogen van sommigen, maar ik voel dat hij het net dan meer nodig heeft. Ook al ben ik boos om wat hij gedaan heeft, toch zie ik hem nog graag om wie hij is, dat moet hij blijven voelen.

Nog één koekje/Paw Patrol aflevering/verhaaltje… Denk hierbij grote puppy-ogen, pruillipje, een heel hoog stemmetje en één opgestoken kleutervingertje. Bij sommige zaken is het gemakkelijk om na één te stoppen, maar andere, zoals een verhaaltje, vind ik zelf ook zo leuk 🙂 Dan is nog ééntje ook niet zo erg hé 😉

Voor de rest is het een beetje geven en nemen. Als Sep heel braaf geweest is in de winkel, zet ik mijn persoonlijke afkeer voor het vullen van de zakken van mijnheer Verhulst wel een keertje opzij voor een pakje Plop-worst. Als het kind daarmee gelukkig is…

Serieus, ik heb al een halfuur gedaan over dit kleine stukje. I’m out! Langere stukken komen weer als ik sneller leer typen met 1 hand of als ik weer beide handen kan gebruiken.

Wil je meer leesvoer? Mijn vorige #ouderzonden-stukjes vind je hier. De ouderzonden van andere bloggers vind je dan weer hier.

Het is echter niet omdat ik niet goed kan typen, dat ik niet meer kan lezen! Ik lees graag in de comments wat jij je kind(eren) nooit kan weigeren. Of zet er een linkje naar jouw blog en dan kom ik wel lezen, ik heb nu toch tijd genoeg 🙂

 

 

#ouderzonden – hoofdzonde 4: Invidia

Deze week laten we het groene monster in ons los. Wat benijden we bij andere ouders? Wat zouden we zo van hen willen overnemen, mochten we kunnen? Het is de vierde hoofdzonde in de #ouderzonden reeks. Mijn vorige drie ouderzonden lees je hier, hier en hier.

Jaloezie dus. Ik ga niet zeggen dat ik absoluut niet jaloers ben. Maar het is niet zo dat ik echt een venijnig groen monster op mijn schouder heb zitten dat andere mensen niets gunt. Integendeel. Ik vergelijk wel veel. Te veel! En als ik dan zie hoe anderen – schijnbaar moeiteloos – slagen in iets wat bij mij met de beste wil van de wereld niet wil lukken, dan voel ik me slecht, ja. Over mezelf, welteverstaan. Ik ben heel blij voor een ander, want dat kan ik dan wel perfect. Maar dat stemmetje in mijn hoofd is er dan weer met zijn “zietsiewel, gij kunt dat niet/zijt niet zo goed / …”.

Ik dacht dus dat dit wel een gemakkelijke opdracht ging worden. Gewoon eens opsommen wat andere ouders zoveel beter doen dan ik. Maar de woorden vloeiden toch niet zo vlot uit mijn vingers. Hoe meer ik erbij nadenk, hoe meer ik besef dat elke ouder gewoon zijn best doet en dat een ander zijn methode niet beter of slechter is dan die van mij. Ik ben wel een grote voorstander van de ouder-community waarin we allemaal vriendjes zijn en elkaar steunen met herkenbare verhalen of tips. Ik geef tips aan wie het vraagt, maar ik neem interessante ideeën ook graag mee naar huis. Zoals dat van die kookwekker.

Ik heb geleerd dat vergelijken niet goed is voor mij (voor niemand eigenlijk). Kijken naar wat andere ouders zeggen, tonen… Je kent nooit het hele verhaal, dus waarom oordelen op basis van wat je ziet via hun sociale media of van wat ze je vertellen of laten zien? Daarom kijk ik enkel naar mezelf. Welke eigenschap zou ik nog willen in mijn ouderschap? Niet omdat een ander er zoveel beter in is, maar omdat het mij zelf stoort.

Dan kom ik eigenlijk op 1  belangrijke: creativiteit. Ik kan behoorlijk creatief zijn met woorden, maar laat me geen hele namiddag knutselen met mijn kleuter. Veel verder dan wat kleuren of een beetje klooien met wat plasticine kom ik niet. Gelukkig is creatief bezig zijn ook niet direct Sep zijn favoriete hobby. Ik heb natuurlijk wel een hele doos knutselmateriaal, maar daarvan wordt bitter weinig gebruik gemaakt. Hij is het ook altijd na 5 minuten beu. Laat hem maar met zijn dokterstas spelen of met zijn gereedschapskist. Daarmee kan hij uren bezig zijn. Of met lego huizen bouwen, samen met zijn papa of zijn opa, of zijn meter!
Maar niet alleen het kunstzinnige gaat volledig aan mij voorbij, ook van algemene creativiteit op het vlak van activiteiten kiezen heb ik niet veel meegekregen. En dat vind ik misschien nog spijtiger. Veel verder dan eens gaan zwemmen of naar een speeltuin bij goed weer kom ik niet. Of ik moet al eens wat opzoekwerk gedaan hebben en toevallig op een zalig museum stoten. Maar ik krijg al stress als ik weet dat ik een hele dag alleen met Sep thuis zal zijn. Niet om het kind, want hij is zo grappig en schattig als maar kan, maar ik heb zoveel schrik dat hij zich steendood zal vervelen met mij. Het komt altijd wel goed, met gezelschapsspelletjes en meehelpen koken enzo. Maar toch, ik denk altijd dat ik hem niet genoeg aanbied buitenshuis. Tips zijn dus welkom! 🙂

Meer “nijd” kan ik niet bedenken. Ik zal wel eens denken van “ah, zo doet die dat” of “amai, hoe die dat allemaal combineert” of “wat ziet zij er goed uit, met haar huilbaby en gebroken nachten”. Maar dan besef ik dat ik het eigenlijk helemaal niet zo slecht doe. Mijn kinderen zijn gelukkig. En dat is wat telt, toch.

En jullie? Hebben jullie soms wel een groen monstertje op die schouder? Of welke eigenschap zou je jezelf graag toe-eigenen?  

 

#ouderzonden – Hoofdzonde 2: Hebzucht – gierigheid

Wat zou je nooit met je kinderen delen? Vraag twee in de #ouderzonden reeks. Hmm, even denken!

Mijn Ferrero Rochers! Maar to be fair, op dit moment mag Sep dat gewoon niet eten, tenzij we een tripje naar de Spoed willen maken. En Warre is nog te klein voor snoep en chocolade.

Maar voor de rest? Ik weet wat je zou verwachten. Dat ik mijn angsten nooit met mijn kinderen zou delen. Of bepaalde duistere geheimen uit mijn verleden (als die er al zijn…). Dat zou misschien het intellectuele antwoord op deze vraag zijn. Het klinkt alleszins alsof er meer over nagedacht is dan “mijn Ferrero’s”.
Ik denk dat onze kinderen nog te klein zijn om daar nu een deftig antwoord op te kunnen geven. Naarmate ze ouder worden en er meer vragen komen, zullen wij afhankelijk van de situatie wel inschatten of we iets met hen delen of niet. En of we het überhaupt ooit zullen delen of niet.
Ik wil wel open zijn naar mijn kinderen toe. Dus als ze vragen hebben over bepaalde zaken, zal ik het hen zo goed mogelijk proberen uit te leggen, als ik van oordeel ben dat ze dat op dat moment aankunnen.

Als we het dan over materiële zaken hebben, is het nog moeilijker (behalve de Ferrero’s dan). Mijn trouw- en verlovingsring. Momenteel zijn die dingen enorm aantrekkelijk voor de kleine baby- en peutervingertjes. Maar neen, het is geen speelgoed. *insert babygekrijs*
Uiteraard is dat gewoon ook omdat de kindjes op deze leeftijd nog niet kunnen omgaan met die dingen. Zo zijn er nog andere spullen die we nu angstvallig van hen weghouden, maar die ze later wel zullen mogen aanraken. Als ze beseffen wat het is en hoe ze het met respect moeten behandelen. Zoals de platenspeler. Koen zijn haren gaan al rechtstaan als hij Warre er nog maar naar ziet kijken. Maar ik weet zeker dat ze over een paar jaar samen eens een plaat zullen opleggen om te genieten van de muziek. Want ja, wij delen maar al te graag onze goeie muziek met hen. Zo moeten zij geen kinderliedjes met ons delen 😉

Nog meer input van mijn wederhelft in dit onderwerp: “onze tijd samen”. Awel ja, eigenlijk wel. We zijn doodgraag bij onze kindjes, maar we hebben af en toe nood aan wat tijd voor onszelf als koppel. Kleine momentjes waarop we niet aan de kinderen denken. Momenten waarop we even terug Delphine en Koen zijn, niet mama en papa.
Jep, daar kan ik me wel in vinden. Schrap al het vorige! Ik neem dit als antwoord!
Of nee, behoud de Ferrero’s toch ook maar 🙂

En jij? Wat zou jij nooit delen met jouw kind(eren)? 

P.S.: wil je lezen wat andere bloggers nooit met hun kroost zouden delen. Je vindt ze hier!