Ja, ik reken vaak op een babysit. Ben ik nu een slechte moeder?

*Spoiler alert* Neen, dat maakt mij geen slechte moeder!
Maar ik zat weer even met die twijfel, vorige week.

Zoals elke vrijdag stond ik aan de schoolpoort, samen met een andere mama en nog een papa. Het ging over het geregel dat bij kinderen komt kijken en over hoeveel moeilijker het is met 2 dan met 1 kind. En met 3 dan! Zo kwamen we bij het onderwerp “babysit” en de zin die meteen uit de mond van mijn twee gesprekspartners vloeide: “goh, maar ik doe mijn kinders niet graag weg, hoor. Ik zou wel willen, maar ik kan het niet.” (denk daarbij een sappig Zuid-West-Vlaams accent)

Oké, het lijkt me ook moeilijker om 3 kinderen te droppen bij de grootouders voor een weekendje dan 2 kinderen. Want niet iedereen heeft daar plaats voor.
Oké dat je een pasgeboren kindje van amper 4 weken oud niet bij een babysit wilt / durft te laten, dat had ik ook.
Tot daar ben ik dus volledig mee.

Maar ik heb maar twee kinderen en de papa in het gezelschap waarvan sprake heeft er ook 2. De mama in het gezelschap heeft er 3, waarvan eentje amper een maand oud. So I get her. Maar zij had het ook toen ze nog maar 1 kind had.

Ik had dat niet. Of eerder, ik kon mijn kinderen tamelijk snel “achterlaten” in de bekwame handen van mijn ouders en schoonouders. No trust issues daar. Ik vertrouwde op ons huwelijksfeest ook de babysits die met onze twee kinderen alleen in de B&B waren terwijl wij aan het feesten waren. Telkens met de nodige “handleidingen” uiteraard.
Ik heb van februari tot mei heel vaak beroep moeten doen op een ander om mijn kinderen te helpen “opvoeden”, want ik was tijdelijk gehandicapt. Ik had daar niet zoveel moeite mee (wel met het feit dat Warre duidelijk liet blijken dat hij niet gediend was met mijn situatie, maar dat is iets anders en is trouwens al volledig opgelost ondertussen).

Ik voelde even weer die twijfels opborrelen. Ben ik dan zo een slechte moeder? Heb ik niet zo een band met mijn kinderen als zij?
Toen ik het erover had met mijn mama, “prees” zij ook mijn gemakkelijk loslaten van mijn kinderen. Want “ik kon dat niet hoor, wij gingen nergens naartoe zonder jullie.”

Shit, ben ik een verwaarlozende moeder aan het worden? 
Oh nee, vertrouw ik de mensen te snel?
Ben ik roekeloos met mijn kinderen?
Hm, misschien moet ik de grootouders niet zoveel belasten met het oppassen op mijn kinderen. Ik zal dan maar wat meer mijn best doen en wat meer sociale aangelegenheden laten vallen. Dat etentje met die vrienden, is dat écht nodig? Moét ik wel mee naar de opening van die nieuwe brouwerij? Koen en ik kunnen toch ook thuis samen eten, moeten we daarvoor nu echt op restaurant gaan? … 

10 minuten hebben die twijfels geduurd. Niet langer.
Want ja, ik ben een goede moeder. En ja, ik geniet van die sociale activiteiten, als het er dan eindelijk eens van komt. En als ik geniet, ben ik gelukkiger en – o cliché – een gelukkige moeder is een goede moeder.
Voilà, mijn punt is bewezen!
Nu nog dat kleine monstertje wegkrijgen dat die twijfels weer oproept als ik de kinderen afzet bij oma en opa.
Aaaah, ratio vs gevoel…

Ik heb 3 maatstaven om bij te houden of ik het nog goed doe:

1/ de kinderen. Zolang zij niet aangeven dat ze ons te weinig zien, maak ik me geen zorgen.
2/ ikzelf. Zolang ik nog plezier heb in die momenten zonder de kinderen en me er niet slecht bij voel, maak ik me nog niet teveel zorgen.
3/ de babysits. Als de babysits al zouden beginnen te klagen dat ze de kindjes te veel zien, dan zit er écht iets niet snor. Maar nummer 1 en 2 zullen al lang gepasseerd zijn vooraleer ik aan nummertje 3 kom, denk ik.

Voorlopig sta ik nog voor alledrie in het groen (na een korte oranje periode tijdens mijn schouderrevalidatie). Mijn eigen scorebord.

En jij? Laat jij je kinderen gemakkelijk over aan de goede zorgen van grootouders, tantes, babysits…? Of heb je het daar toch moeilijk mee? Ik lees het graag!

 

#ouderzonden – Hoofdzonde 7: Acedia -mañana mañana enal!

De zevende en laatste hoofdzonde in de #ouderzonden reeks van Romina en Annelore is Acedia: gemakzucht, luiheid, traagheid. Oftewel: hoe ga je om met de druk die van jongs af aan op kinderen (en dus ook hun ouder(s)) gelegd wordt. Doe je mee aan de ratrace of ben je meer manana manana?

Onze kinderen zijn 3 en 1, dus veel druk op vlak van studies, sociaal leven en hobby’s hebben we nog niet ervaren. Maar natuurlijk is er altijd wel dat vergelijken en dat “amai, kan die dat nog niet?” en dat “de mijne stapte al op 10 maand, ze!”. Awel, goed voor u. Die van mij waren 15 en 14 maanden bij hun eerste zelfstandige stapjes. En ik denk niet dat dat enige gevolgen heeft voor hun latere intellectuele en motorische ontwikkeling. Want wij hebben perfect normale, gezonde kinderen en zouden ons pas zorgen maken als de kinderarts zich zorgen maakt. Zoals het zo mooi in de boekjes van de Gezinsbond staat: het gemiddelde kind bestaat niet. Het ene kind is sneller in bepaalde zaken en trager in iets anders.

Die visie willen we doortrekken in de opvoeding van onze kinderen. Ikzelf heb me na mijn studies vaak “geplooid” naar wat anderen van mij wilden, wat anderen vonden dat bij mij paste of wat praktisch het beste was (“word maar leerkracht, dan heb je veel vakantie en ben je thuis als de kinderen – die ik toen bijlange nog niet had – thuis zijn”). Dat wil ik niet voor mijn kinderen. Ik wil dat mijn kinderen zelf hun passie zoeken. Is dat in den bouw of als chirurg, daarin zijn ze volledig vrij. Het enige dat ik wil is dat ze hun best doen als ze voor iets kiezen. Als ze een doel voor ogen hebben, dan moeten ze ervoor gaan en beseffen dat ze ervoor moeten werken. En ze mogen enkel naar zichzelf luisteren, niet naar de bekommernissen van anderen (zelfs van ons) die denken dat het te moeilijk is of niet praktisch of dat ze er niet rijk van gaan worden. Doe wat je graag doet, alsjeblieft! Wij zullen onze boys daarin uiteraard ondersteunen en begeleiden. Want op je 12 jaar weet je nog niet wat je de rest van je leven wil doen. Ik ben 30 en begin nu pas in te zien welke richting ik écht uit wil, wat IK WIL. Niet wat een interessant vervolg kan zijn op mijn studies. Van mij mogen mijn kinders zoveel studeren als ze willen. Doen ze daar nog een doctoraat bij of willen ze 3 diploma’s? Of willen ze op hun 18 gaan werken? Allemaal goed voor mij. Zolang ze hun best doen en niet opgeven bij de eerste hindernis. Zoeken hoort bij het leven (bewijsstuk nummer 1 is deze tekst aan het typen). Dus laat ze maar zoeken. Wij staan klaar met kompas en kaart.

Ook met hobby’s is dat hetzelfde. Ik zou het zeker de max vinden als één van mijn zonen breakdancer wordt of een muziekinstrument bespeelt en als ze naar de jeugdbeweging gaan. Ik wil echter geen geld uitgeven aan een hobby die ze alleen maar doen omdat wij willen dat ze dat doen. En nog minder omdat “de maatschappij” vindt dat ze dat moeten doen. Laat een kind een kind zijn. Voldoende beweging is belangrijk, maar dat kan ook in de tuin met een bal of de fiets. Dat hoeft niet per sé op voetbaltraining te zijn. Willen ze daarnaast nog een creatieve hobby? Be my guest!

We go with the flow enal als het op de opvoeding van onze kinderen aankomt. Wij kunnen hen alleen maar bepaalde waarden en normen meegeven en hen zoveel mogelijk laten proeven van de wereld. Als ze opgroeien tot open minded, beleefde en gedreven jongens, dan kunnen wij alleen maar blaken van trots. 

Zo, dit was het in deze reeks (de andere hoofdzonden vind je hier) . Het deed me nadenken over mijn opvoedingsfilosofie. Bij sommige onderwerpen – zoals bovenstaande – was het wat gokken naar hoe we het later zullen aanpakken. Ik heb geen glazen bol en over 5 jaar zal ik misschien heel anders over bepaalde zaken denken. Maar dit is hoe ik het nu voor ogen heb. We zien wel hoe het uitdraait. Jullie zullen het alleszins kunnen volgen op deze blog!

En hoe is dat trouwens bij jullie? Ervaring met de ratrace en de druk? Of glijdt dat allemaal van je af?

 

#ouderzonden – Hoofdzonde 5: gula

De vijfde ouderzonde in de reeks is Gula: onmatigheid – gulzigheid – vraatzucht. Met als vraag: Wat kan je je kinderen nooit weigeren wanneer ze erom vragen?

We houden het kort deze week, want typen met 1 hand is f*cking lastig!

Liefde. Du-uh! Mijn kinderen kunnen mij niet vaak genoeg om een knuffel of een kus komen vragen. Ze moeten er zelfs niet om vragen. Met liefde voor je kinders kan je niet vrijgevig genoeg zijn, vind ik. Hen graag zien is één ding, het hen tonen en laten voelen in grote en kleine gebaren is nog iets helemaal anders. Ja, ook als ik kwaad ben. Ook als Sep gestraft is, zal ik hem nooit een knuffel ontzeggen. Misschien ben ik dan wel een watje in de ogen van sommigen, maar ik voel dat hij het net dan meer nodig heeft. Ook al ben ik boos om wat hij gedaan heeft, toch zie ik hem nog graag om wie hij is, dat moet hij blijven voelen.

Nog één koekje/Paw Patrol aflevering/verhaaltje… Denk hierbij grote puppy-ogen, pruillipje, een heel hoog stemmetje en één opgestoken kleutervingertje. Bij sommige zaken is het gemakkelijk om na één te stoppen, maar andere, zoals een verhaaltje, vind ik zelf ook zo leuk 🙂 Dan is nog ééntje ook niet zo erg hé 😉

Voor de rest is het een beetje geven en nemen. Als Sep heel braaf geweest is in de winkel, zet ik mijn persoonlijke afkeer voor het vullen van de zakken van mijnheer Verhulst wel een keertje opzij voor een pakje Plop-worst. Als het kind daarmee gelukkig is…

Serieus, ik heb al een halfuur gedaan over dit kleine stukje. I’m out! Langere stukken komen weer als ik sneller leer typen met 1 hand of als ik weer beide handen kan gebruiken.

Wil je meer leesvoer? Mijn vorige #ouderzonden-stukjes vind je hier. De ouderzonden van andere bloggers vind je dan weer hier.

Het is echter niet omdat ik niet goed kan typen, dat ik niet meer kan lezen! Ik lees graag in de comments wat jij je kind(eren) nooit kan weigeren. Of zet er een linkje naar jouw blog en dan kom ik wel lezen, ik heb nu toch tijd genoeg 🙂

 

 

Brief aan mijn zesmaandertje

Liefste Warre

Wauw, vandaag ben je 6 maanden oud! Het cliché gebiedt mij te zeggen dat de tijd veel te snel gaat. Al wil ik er toch bij zeggen dat jouw eerste 12 weken op deze wereld bij momenten soms wel tergend traag leken te gaan. Je kende een moeilijke start. Wat de oorzaak was van jouw huilbuien zullen we waarschijnlijk nooit met zekerheid weten. Dat je er alleen maar sterker uit gekomen bent, durf ik wel met voorzichtige zekerheid te zeggen.

Wat ben je ondertussen een gelukkige baby geworden! Jij moet in je hoofd een onwaarschijnlijk goede moppentapper zijn, want soms schiet je uit het niets in een schaterlach. Daar alleen op je speelmat terwijl ik in de keuken aan het werk ben. Ook je broer is voor jou een onuitputtelijke bron van vermaak. En weet je wat, kleine man? Je maakt hem daar zeer gelukkig mee. Nu zegt hij niet meer dat broertje veel weent. Hij zegt nu dat jij weer zo happy bent.

Ik ben blij dat ik jou toch wat langer borstvoeding gegeven heb dan je broer. Het was alsof jij en ik dat nodig hadden. Dat maandje extra voor ons alleen. Ook al ging ik al werken en ging jij al naar de opvang. We hadden die eerste 12 weken goed te maken. Die eerste weken waarin we beiden meer huilden dan genoten van elkaars nabijheid. Nu geniet ik nog steeds zo intens van ons flesmomentje ’s ochtends. Wanneer broer nog slaapt of met papa al in de badkamer staat. Enkel jij en ik in de zetel. Even weg van de hectiek van alledag.

Och Warre, wat word je toch ook al groot! “Ne lange smallen”, zoals de dokter het zo mooi verwoordt ;). Je zou niets liever willen dan dat je al zou kunnen rechtzitten of kruipen. Dat zien we maar al te goed. Je bent ook zo graag “in’t volk”. Dat doet mij vermoeden dat jij iets minder aan moeders rokken zal hangen dan je grote broer. Die gedachte roept gemengde gevoelens bij me op, lieve schat. Wat kijk ik ernaar uit om jou te zien opgroeien tot een durfal die met veel enthousiasme de wereld en de mensen erin wil ontdekken. Maar ik hoop dat je toch ook nog evenveel van een knuffel van je mama zal genieten als je broer doet en zoals jij nu nog doet.

Laat dat opgroeien maar niet te snel gaan. Juist omdat je zo al genoeg aandacht moet delen met je broer, wil ik nog meer vasthouden aan al die kleine momentjes die niet meer terugkomen. Ik wil stilstaan bij elk babystapje. Ik wil extra genieten van elk klein dingetje dat je doet. Ik heb immers het gevoel dat ik dat niet genoeg gedaan heb toen je nog in mijn buik zat en toen je er pas uit was. Overcompensatie, zeker? Hé, neem het jouw sentimentele moeder niet al te kwalijk alsjeblief 🙂 Over enkele jaren zal je het “schaamtelijk” vinden om je moeder een zoen en een knuffel te geven (in het openbaar). Ik wil tegen dan voldoende voorraad opgebouwd hebben om door die puberteit heen te komen 😉

Maar laten we nu nog niet praten over puberen. Dat doe ik al genoeg met je peuterbroer.
Jij bent mijn kleine baby. En dat mag je voor mij nog even blijven!

Liefs

Mama