Boemama

Het zal wel een fase zijn. Maar toch. Vier kleine woordjes die mijn hart in duizend stukken deden breken. Die mij zo teleurstelden en tegelijk zo boos maakten. Woordjes die ik pas over een goeie 10 jaar voor het eerst verwachtte.

 

“Ik vind mama stom!”

Ik zou dat soms ook wel zeggen mocht ik in hun plaats zijn.

Mama is degene bij wie ze zich moeten haasten.
Mama is degene die hen boterhammen met kaas voorschotelt in plaats van met choco.
Mama is degene die zegt dat ze hun tanden moeten poetsen in plaats van te spelen.
Mama is degene die hun gezichten wast met nat water.
Mama is degene die de dampkap aanzet, zodat ze niet kunnen horen wat Brandweerman Sam zegt.
Mama is degene die ze wegtrekt als ze de ramen van het gemeentehuis aan het wassen zijn. Met hun tong.
Mama is degene die altijd vanalles loopt te regelen in plaats van mee te voetballen.
Mama is degene met wie ze mee moeten naar het gemeentehuis voor een kids-id, met wie ze ook nog even in de apotheek moeten stoppen, enzovoort.
Mama is degene die beslist dat het nu toch écht wel tijd is om te gaan. En neen, niet nog een beetje langer spelen.
Mama is degene die zegt dat je al genoeg snoepjes gekregen hebt van oma en opa en dat je nu eerst wat fruit moet eten en water moet drinken. En neen, appelsap is niet goed.
Mama is degene die beslist dat die favoriete trui in de was moet wegens nu toch écht wel veel te vuil.
Mama is degene die moe is van al dat geregel, gewerk en gehooikoorts.
Mama is dan ook degene die haar geduld wat vaker kwijt is dan ze zou willen. Zeker na die 1000000ste “mamaaaaaa” van de dag.

Maar gelukkig is mama ook degene bij wie ze komen voor een dikke knuffel of een helend kusje op de geschaafde knie.

Dan mogen ze al eens liever bij oma gaan spelen of papa zijn verhaaltje verkiezen boven dat van mij.

Ik ben dan wel wat vaker de boeman, maar ik ben en blijf hun mama.

Sep zegt V

Ken je het liedje van Sofie de krokodil? Wel, onze Sep is zoals die Sofie, die tatert maar, die tatert maar. Sep de krokodil, zijn mondje staat nooit stil! En wat daar allemaal uitkomt, dat is soms bijzonder slim, of hilarisch, of vertederend, en altijd het onthouden waard.

Enkele voorbeelden.

  • Ik stoot mijn knie bij het instappen in de auto. Sep zijn reactie: “Heb je je pijn gedaan? Maar ik kan er nu geen zoentje op geven, ik zit nog in de auto. Straks zal ik er een zoentje op geven.
    Toch een lieve zoon he.
  • Sep kijkt naar Paw Patrol. “Mama, Jake heeft een sneeuwmonster gezien!“.
    Ik vraag: “Amai, ben jij dan niet bang?”
    Sep: “Maar mama, ik ben daar toch niet!” (Du-uh, moeder!)
  • De mensen mogen niet op straat lopen. Anders gaan de auto’s ze omver rijden. En dan zijn ze zo plat als een pannenkoek! En dan moeten we ze bakken en opeten met bruine en witte suiker.”  Veiligheidslessen van kannibaal Sep.
  • Sep kijkt op zijn pols: “mijn uurwerk zegt dat er nog tijd is voor één Paw Patrol.
    Tiens, mijn uurwerk zegt dat niet, best eens gelijkzetten…
  • Het seizoen van de bierfestivals is weer aangebroken, ik zeg aan Sep: “Papa is aan het werken, hij is op een bierfestival.”
    Sep: “Maar mama, dat is toch niet om te werken! Een bierfestival is toch om biertjes te drinken!
    Perceptie …
  • Als je pipi op de grond doet, dan moet je je benen open doen, zodat je niet in de plas staat. Ik heb vanmorgen een keer pipi gedaan op de grond. De pipi was al wakker, maar ik was te laat.
  • Ik maak een opmerking wanneer Sep in zijn neus peutert voor het slapengaan.
    Maar mama, de babykorstjes zitten nog in mijn neus, dus ik moet ze eruit halen. Want ze moeten bij mij in bed liggen, want ik ben hun moeder.
    En welk onmens gaat er nu kindjes bij hun moeder weghouden?!
  • Zijn eerste zin bij het ontwaken: “Er was een meneer in mijn tuin die alle frietjes heeft opgegeten. Nu groeien er geen frietjes meer!
    Rare dromen, precies…
  • Ik ga eens naar mijn tomatenplant gaan kijken of er al aardbeien aan groeien!
    Dan zal je nog lang mogen wachten hoor, lieve schat.
Ze worden steeds meer gevat en steeds grappiger, die uitspraken van Sep. Maar ook in het verleden heeft hij al hilarische dingen gezegd. Wil je weten wat zoal? Dan moet je hier eens gaan kijken.

 

 

 

3 jaar Sepliefde

Liefste Sep

Klopt dat? Jij wordt vandaag al 3 jaar?
Jij? Het lijkt wel gisteren dat ze je uit mijn buik moesten sleuren. Nu ja, gisteren niet echt, maar je weet wel wat ik bedoel. Jij, die “kloeken boelie” die er bij zijn geboorte uitzag als een baby van een maand oud. Wat een contrast met het kleine, fijne mannetje dat je nu bent!

Je was een rustige baby, een “gemakkelijk” kind. Nu ben je nog altijd een braaf kind. Meestal toch. Op een ander. Zo lang hadden wij schrik dat je je mannetje niet zou kunnen staan, zo meegaand als je was. Die zorgen hebben we allang niet meer. Je weet heel goed wat je wil en vooral niet wil. Een klein beetje een drama king, ook wel, als het niet naar je zin is. Maar dat ligt misschien aan de leeftijd? Die terrible two’s and three’s, waar ze het altijd over hebben?

Je kan monologen afsteken waar iedereen van staat te kijken. De zinsbouw, de woordenschat. Soms ook woorden die je eigenlijk niet zou mogen zeggen. Waar haal je het? En raak het alsjeblieft niet kwijt! Een advocaat ben je, met al je redeneringen en logica.

Het helpt natuurlijk ook dat je van boeken houdt. Je kan niet gaan slapen zonder je verhaaltje. Of twee. Of drie. Maar ook van de televisie haal je zoveel woordenschat. Je oma is een beetje bang dat je “Hollands” zal leren door naar Paw Patrol te kijken, maar ik zie dat je vooral woorden en zinnen overneemt die sommige volwassenen zelfs niet correct verwoorden. Ik maak me geen zorgen, van dat halfuurtje (of uurtje…) tv per dag ga je echt niet Hollands worden. Voor dat West-Vlaams van jouw schoolgenootjes heb ik iets meer “schrik”…

Logica en redeneren zijn waarschijnlijk ook de twee eigenschappen die ervoor zorgen dat jij een fantastische puzzelaar bent. Elke nieuwe puzzel die je aangereikt krijgt, kan je binnen de kortste keren uit het hoofd maken. Je jongleert met puzzels voor kinderen van 5 of 6 jaar. Je maakt je oude puzzels omgekeerd, met de tekening naar beneden, voor extra uitdaging. Je kan je echt rustig bezighouden, als je maar een puzzel bij de hand hebt. Maar o wee als iemand je stoort voor je puzzel af is.

Je moet alles waar je aan begint kunnen afwerken. Je opjagen kunnen we ook niet. “Ik ben de baas!” klinkt het soms uit je mondje. Ik denk dat je wel eens gelijk kan hebben. Het is beter om te wachten tot je klaar bent dan om een driftbui te riskeren door je op te jagen. Want die driftbuien gaan niet zomaar over.
Behalve als je broertje erbij komt. Mijn moederhart smelt als ik jullie twee samen zie. Knuffelen, spelen, zelfs ruziemaken. Twee broertjes zoals ik het me inbeeldde toen ik hoorde dat jij niet mijn enige zoon zou blijven. 

Dat knuffelen doe je trouwens niet alleen met je broer. Tot mijn grote vreugde ben je een mama’s kindje. Knuffelen, bij mij komen als je verdriet hebt, spelen en onnozel doen. Ik hou er zo van. Ik geniet er ook zo hard van. Want je zal het allemaal snel genoeg niet “cool” meer vinden.
Zoals je K3 ook niet cool vindt. “Want dat is voor meisjes!” Daar gaan onze inspanningen van genderneutraal opvoeden 🙂 Al ben ik wel blij dat ik geen Studio100 cd’s hoef te kopen, maar dat je gewoon mee naar de radio luistert met ons. En meezingt met Néh na na na van Vaya Con Dios.

Lieve Sep, je wordt al zo groot en ik zie zoveel van mezelf in jou. De looks heb je van je papa – wij blij 🙂 Maar het gevoelige karakter heb je van mij. Al zie ik wel al iets meer zelfvertrouwen in jou dan ik had/heb. Goed zo jongen, hou dat vast. Want je zal het nodig hebben in de wereld waar je nu steeds meer stappen in zet. Maar weet ook dat je papa en ik er altijd voor je zijn. Ook als je ons niet cool meer vindt.

Dikke zoen

Je mama

xxx

Hoe is dat nu, van 1 kind naar 2?

De vraag die we sinds de geboorte van Warre al meer dan genoeg hoorden. Het verlengde van de “ja, pas maar op, van 1 naar 2, dat is een groot verschil hoor!” van tijdens de zwangerschap.

Awel ja, het is een immens verschil. En we vervallen zelf ook al in dat cliché. Je bent als ouder anders bij kind 2 dan bij kind 1. Schrijfvoer genoeg hierover voor een aparte blogpost.
Maar wat me nog het meeste opvalt, is de tijd die nog eens dubbel zo snel lijkt te gaan. Als je eerste kindje geboren wordt, vraag je je af wat je met al die vrije tijd deed toen je nog kinderloos was. Wel ja, bij kind 2 is dat dus 2 keer zo erg. Dat ervaren wij toch.

Dit weekend waren we voor 24u even opnieuw een gezin met 1 kind. Sep ging bij oma en opa logeren, Warre bleef bij ons. Terwijl de baby een dutje deed, kon ik in alle rust ons diner van ’s avonds voorbereiden. Mijn wederhelft stopte zaterdag wat vroeger met werken, waardoor we nog wat boodschappen konden doen. Warre in de draagzak en gaan. Ik voelde me bijna schuldig tegenover Sep dat ik opmerkte hoe gemakkelijk het toch is met één kind. Alhoewel ik diezelfde gedachte soms ook heb als ik op woensdagnamiddag alleen met hem ben. Dus dat gaat dan gelijk op.

Tijdens ons etentje ’s avonds hadden we het erover met onze vrienden. Daar zaten wij dan te vertellen over onze “zalig rustige zaterdag” en hoe het toch een pak drukker is met twee kinderen dan met één en dat we dat toch weer extra beseffen als we er maar ééntje thuis hebben. Dit zei ik tegen mensen die de laatste maanden met hun ene prachtige dochter bijna even vaak in het ziekenhuis waren als thuis en absoluut (nog) niet aan nummer 2 denken. Ik maakte zelfs de analogie met “people with no kids have no idea“… Gelukkig kennen ze mij en mijn soms wat minder genuanceerde uitspraken goed genoeg om te weten dat ik absoluut niet wil gezegd hebben dat mensen met één kind het niet druk/lastig hebben. (Of dat mensen zonder kinderen het niet lastig kunnen hebben, for that matter.) Ik maakte alleen de observatie dat het bij ons een groot verschil is van een rustige baby Sep naar een iets drukkere kleuter Sep plus een iets drukkere baby Warre.

Soit, verder met de 24 uren met één kind. Zondag hebben we genoten van een rustige ochtend met ons drietjes en zelfs wat quality-time voor ons tweetjes terwijl de baby zijn voormiddagdutje deed. Genoten van de rust. Genoten van onze ene baby. Mijmerend over hoe het was voor de geboorte van Warre.

Toch lichtte ik op toen om 11u onze guitige kleuter aan de deur stond. Blij pronkend met zijn Paw Patrol pyjama die hij van zijn verwen-oma gekregen had.

In de namiddag gingen we naar de kinderboerderij. Met onze twee wakkere, actieve kinderen. Warre probeerde vanuit de draagzak alles te zien wat er rondom hem gaande was. Sep trok mijn arm bijna uit de kom om mij mee te krijgen naar elk nieuw dierengeluid dat hij hoorde.

Op wandel met een kleuter betekent ogen op uw gat hebben. Betekent na een uur een vermoeide kleuter die welgeteld 2 minuten op je schoot blijft zitten. Betekent soms een bange kleuter – vooral als de ezel net iets te enthousiast is over zijn komst. Betekent veel gekwetter, veel ge-wat-is-dat, veel ge-ik-wil-naar-de-…
Op wandel met een baby betekent hongertjes en huiltjes. Betekent wiegend rondstappen aan de zandbak waar de kleuter aan het spelen is. Betekent kaka-pampers op de meest onmogelijke momenten.

Ik heb me al vaak afgevraagd hoe alleenstaande ouders het doen. 1 kind per ouder is soms echt geen overbodige luxe. Oké, je doet het maar hé. Ik doe het ook op de ochtenden en avonden dat ik er alleen voorsta. En soms ben ik op van de zenuwen nog voor ik naar het werk ga. Soms ben ik zo doodop als ze eindelijk in bed liggen, dat ik niets anders meer doe dan in de zetel hangen.
Maar soms start ik mijn dag met een glimlach om wat de jongste overnight geleerd heeft, of om de ongelooflijke monoloog die de oudste weer afgestoken heeft in de auto. Soms smelt mijn hart door de schaterlachjes die Sep bij Warre uitlokt. Soms krijg ik net meer energie als ze flink naar bed gegaan zijn en ik kijk hoe ze vredig liggen te slapen.

Hoe hard ik ook kan zagen over de drukte, de bergen was, de oververmoeidheid,… elke keer prijs ik me op het einde van de dag zo gelukkig dat ik mijn twee zotte, goedlachse, ruziënde, schreeuwende, schattige, blauwogige, soms ietwat neurotische, … kinderen gezond en wel in hun eigen bedje kan leggen.

De eerste schooldag voor familie Superwoman

Twee blogposts in één week? Say Whuuut? Ik zie het jullie al denken 🙂
Tja, ik heb het hier dan ook te lang verwaarloosd, ondanks dat de inspiratie de afgelopen maanden zeer groot was met al die belangrijke stappen in ons leven. En die wil ik dus nu met jullie delen!

Vandaag is het 1 september. De eerste schooldag na een lange en hopelijk deugddoende vakantie! De allereerste schooldag OOIT voor onze Sep. Eindelijk is de dag aangebroken waar het kind al sinds juni over loopt te fantaseren. Eindelijk naar de klas en niet meer “bij de kindjes”.

Zoals elke Supermoeder was ik al lang op voorhand kei goed voorbereid. Ahum
We zijn naar de kijkdagen/oefenmomenten/… hoe je ze ook noemt – geweest. Daar kon Sep zijn tekentje kiezen. Uiteraard koos het kind voor de taart (dat van die appel en die boom en al…). De juf vertelde er met een glimlach bij dat ze graag heeft dat we op alle spulletjes het kind zijn tekentje zetten. Lap, kon hij nu niet voor de voetbal kiezen? Moeder haalde haar tekentalent dan maar boven. In de kleertjes en zijn rugzak schreef ik gewoon zijn naam. De juf kan toch lezen, veronderstel ik? 🙂

Het voorbeeld
Mijn pogingen

Ik nam de schoolkalender al braafjes over op mijn familie- en iPhonekalender. Ik schreef de nodige allergie-info in het heen-en-weerboekje. Ik zorgde voor een tutje en knuffel voor in het slaapklasje.
Ik zorgde voor een gezond tussendoortje.
Ik was er klaar voor!
En hij ook 🙂
In zijn groene tenue, zoals gevraagd. En met zijn zelf versierde schoen. Ook zoals gevraagd. Met zijn rugzakje op zijn rug. Mijn kleine mannetje naar die grote school.

Knutselen voor de eerste schooldag
De gepimpte schoen 🙂 De verf was tegen deze ochtend ongeveer droog 😉 
Helemaal klaar voor vertrek

 

Ziet em gaan… Mijn grote kleine man

Ik had verwacht dat ik mijn verlegen ventje zou moeten troosten. Dat hij zou willen terugkeren van zodra we de schoolpoort binnen wandelden. Dat ik hem van mijn arm op die van de juf zou moeten doorgeven.

Niets van dat alles!

Het kind ging spelen. Mama moest in het begin wel mee, natuurlijk. Maar dan ging ik van op een afstandje kijken. Toen ik hem van aan het deurgat van de klas teken deed dat ik ervandoor ging, kwam hij wel nog voor een extra dikke knuffel en een dikke zoen. Maar dan ging hij weer verder. Nieuwe dingen ontdekken.

Ikzelf stortte me dan maar op mijn dag vol boodschappen en werk en voor ik het wist was het tijd om hem weer op te halen.
Ik hoorde van ver de muziek al die de lagere schoolkinderen maakten op de speelplaats. Ik stond daar tussen al die andere ouders die met een klein hartje wachtten tot de juf met hun kleine uk naar buiten kwam. Nieuwsgierig om te horen hoe die eerste grote dag verlopen was. Om te weten of er (nog) traantjes gevloeid waren.

Daar kwam hij dan. Met een grote glimlach die nog groter werd als hij zijn mama zag. Hij begon al uitbundig te vertellen nog voor ik hem ook maar één vraag kon stellen.
Ook de juf kwam hem al snel bijtreden in zijn enthousiasme. “Hij heeft het echt goed gesteld hoor, mama.” “Het is echt ne crème van een ventje, hé!”.

Aaaah, zo ken ik onze Sep weer se 🙂

Op naar de volgende 9 schooljaren!

Het is een fase. Het is een fase. Het is een fase…

De nieuwste fase ten huize Superwoman houdt al (nog maar?) een dikke week aan.

Het begon met Sep die al een tijdje niet meer zo gemakkelijk gaat slapen als vroeger. Altijd nog een extra verhaaltje, nog een dikke zoen. En nog een. En nog een knuffel. Soms is hij bang van de duif en moeten we alle mogelijke verzinsels uit onze mouw schudden om hem gerust te stellen. Soms wil hij gewoon nog niet slapen en zingt hij, leest hij in zijn boek (in het donker) of ligt hij gewoon wat verhaaltjes te vertellen. Soms huilt hij gewoon. Angsten? Geen idee. Dan wil hij dat ik bij hem blijf (jep, mama! Papa is op sommige momenten niet goed genoeg, sorry lieverd…). Dan moet ik op zijn hoofdje/rugje/buikje wrijven tot hij in slaap valt. Als ik mijn hand een seconde te vroeg durf weg te halen, hoor ik zijn zachte stemmetje: “nog wrijven”.

Sinds vorige week gaat ook Warre door een soort ontwikkelingssprong. Tot dan legde je hem gewoon in zijn bed als je zag dat hij moe werd en hij sliep wel. Als een blok. Nu is daar de verlatingsangst, het “vreemd” worden (niet meer in een onbekende kamer willen slapen). In zijn bedje vindt hij de goede houding niet. Zo houdt hij zichzelf uit zijn slaap. Wil je hem wiegen, dan wriemelt hij zich bijna uit je armen. Maar leg je hem neer, dan krijst hij de hele wijk bijeen. Soms lukt het als je hem een halfuurtje laat zoeken in zijn bed. Het gesnik en boze gekreun moet je erbij nemen. Helaas werkt dat meestal niet. En als we “geluk” hebben, zoals afgelopen nacht, slaapt hij ook zodanig licht dat hij zichzelf bij de minste beweging wakker maakt. Of hij is zijn tut kwijt. Of zijn benen zitten vast tussen de spijlen van zijn bed. Of hij ligt niet zoals hij wil. Of hij heeft honger.

Ze houden elkaar uit hun slaap met hun lawaai. Als mijn man en ik samen thuis zijn, nemen we elk een kind voor onze rekening. Als ik alleen ben met de twee kids, zit ik met de handen in het haar. Ofwel moet Warre zijn fles hebben als Sep zijn bedtijdritueeltje ingezet heeft. Ofwel gaan ze beiden op hetzelfde uur naar bed en is het heen en weer lopen tussen de kamers tot ze rustig zijn. Soms staan we om 20u30 beneden, twee stille kindjes en klaar om aan onze avond te beginnen. Op een lastige avond plof ik om 22u uitgeput in de zetel, met de zachte snikjes door de babyfoon op de achtergrond. Te moe om nog te eten. Geen honger meer, eigenlijk.

Alle peuters/kleuters halen alle trucjes uit de kast om langer op te blijven, toch? Dus bij Sep is het een fase. Een fase die we proberen op te vangen door vast te houden aan zijn bedtijdritueeltje. Door zoveel mogelijk op hetzelfde uur te gaan slapen (met een paar uitzonderingen tijdens de vakantie). Door hem ideeën aan te reiken om zelf zijn angsten (voor de verschrikkelijke duif ;)) te overwinnen.

Warre is een gezonde baby die net als alle andere baby’s door ontwikkelingsfases gaat. Die sprongetjes maakt in zijn mentale en fysieke vooruitgang. Uiteraard gaan die sprongetjes gepaard met moeilijke momenten. Als ik hem zo bezig zie in zijn bed, zou het mij niet verwonderen dat hij nog eerder kan kruipen/sluipen dan dat hij mooi rechtop kan zitten. Logisch dat hij geen fan is van die overgangsperiode.

Het is dus een fase. Bij mijn beide zoontjes. Het zal wel over gaan. Dan keert de rust wel terug. En onze nachtrust.

Alleen jammer dat die twee fases tegelijk moeten doorgaan. In de maand voor onze bruiloft.

Nicely planned, Universe! Well done!

Sep zegt III

Het is alweer even geleden dat we een paar onvergetelijke citaten van onze Sep met jullie deelden. Ondertussen staat zijn mondje natuurlijk niet stil. En zijn redeneringsvermogen, dat is er ook alleen maar op vooruitgegaan. Lees even mee…

 

IMG_7603

 

  • De zon heeft geen handjes. We moeten nog handjes gaan kopen!
  • De maan slaapt nog. Hij heeft zijn pyjama aan!
  • Wij hebben geen kelder. We moeten er één kopen! – Shopaholic in wording 😉
  • Ik ga broertje melk geven! en hij doet prompt zijn t-shirt omhoog. Nog een fan van borstvoeding 😉
  • Ik leg een boterham voor hem op tafel. Reactie: Moet op het bordje! Zo kunnen we toch niet eten…
  • Ik zeg: broertje kan geen patatjes eten, hij heeft nog geen tandjes. Sep zegt (uiteraard): We moeten dan nog tandjes kopen! (wat zei ik over die shopaholic…)
  • Mama: wil je een boterham? Sep: Neeheen, ik ben een boek aan het lezen! (ja moeder, had je dat niet gezien?)
  • Oh broertje, wat zie jij er schattig uit!! (*smelt*)
  • Op familieweekend zitten we allemaal samen aan het aperitief. De meeste volwassenen met een alcoholisch drankje naar keuze. Nu is het aan de kindjes. Opa grapt: Sep, ga jij ook Ricard drinken? Sep: Neen, dat is voor de mevrouwen!
    (don’t look at me…)
  • Ik ga water op mijn hand doen. Van de duikboot. Van Piet Piraat! Van Schip ahoi hoi!
  • Sep wil dat mama/papa hem van de triptrap af helpt. Maar die luie ouders weigeren: je kan dat toch zelf. Waarop Sep uiteraard de ideale repliek heeft: Neen, ik zit veel te vast.  (voilà, en gij nu!)
  • Ik ben blij met Warre! (*moederhart in een plasje op de grond*)
  • Wil je wat kaas op je spaghetti? — Nee, ik ben boos op de kaas! (pubers…)
  • Smakelijk, Sep! — Nee, niet smakelijk! Ik ben boos op smakelijk! (zoals ik zei, pubers…)
  • Broertje is kletswakker!
  • Tijdens de werken in onze tuin vraagt opa Jan: En wat maken we met de betonmolen? — Sep: Lawaai! (Euh, dat ook ja)
  • Dat kan toch niet! (zomaar, zonder enige aanleiding, in het midden van een conversatie)
  • Warre is een beetje aan het kakken! (bedankt voor de informatie, Sep!)
  • Mama snuit (alweer) haar (hooikoortsige) neus – Mama, ben jij een olifant? (zo klink ik wel, maar zie ik er ook zo uit misschien???)
  • Mijn voeten zijn leeg! (oftewel: blote voeten, jeej!)

 

 

De ochtendspits

De ochtendspits door de ogen van mijn 2,5-jarige. Want ik denk dat hij dat toch net iets anders bekijkt dan zijn mama.

5u45: Ik ben wakker, best mijn mama laten weten.
“Mamaaaaa, ik ben wakkej!”
Hup, uit bed.
Eens kijken of broertje al wakker is. Anders maak ik hem wel wakker.

“Kom Sep, we gaan naar beneden. We gaan eten.”
Neenee, ik ga eerst nog al mijn boekjes eens bekijken.
Of is er op Warre’s kamer interessanter speelgoed te vinden? Eens gaan kijken.

“Sep, komaan, we gaan eten.”
Oké dan, ik krijg toch wel een beetje honger.
Oei, mama heeft Warre in haar handen. Mij kan ze dus niet dragen. Ik zal zelf moeten stappen op de trap. Oké, dat kan ik wel al, maar het is toch plezanter als mama mij draagt. Dat gaat sneller. Misschien kan mama wel nog mijn boekje dragen. En mijn tractor. En mijn konijn.

Woaaaah, ik was vergeten hoeveel speelgoed ik beneden heb! Oooh! Mijn autootjes! En mijn puzzels! Oeh! Een rammelaar van Warre!

“Sep, jouw melk en boterham staan op tafel. Kom je erbij zitten?”

IMG_5490

“Nèèèèh!” Waarom moet ik toch eten ’s morgens? Laat mij gewoon spelen. Jij mag die boterham zelf opeten! Die fles melk neem ik wel mee.

“Kom Sep, het is tijd om onze tanden te gaan poetsen.”

Hmm, nu heb ik precies toch een hongerke.
“Ik wil nog een boterham! En een yoghurt!”

IMG_7329

6u30: “Kom Sep, nu moeten we ons echt gaan wassen en aankleden! Je mag boven nog wat spelen terwijl mama zichzelf en Warre aankleedt.”

Oké, maar dan moet ik wel mijn boekje en mijn tractors meenemen naar boven. Allezja, mama moet die meenemen. Ze heeft toch nog een hand vrij.

“Kom, we gaan samen onze tanden poetsen!”
Pfff, ik wil nog wat met broertje op zijn speelmat spelen. Laat die moeder van mij maar doen.

“Komaan Sep, tanden poetsen! Mama is al klaar hoor!”
“Nèèèèh! Zie je niet dat ik bezig ben? Ik moet dat kussen bij broertje leggen. En dat boekje. En die pop.”

IMG_7204

Zie je wel, als ik lang genoeg wacht, komt mama me zelf wel halen.
Allez, als het echt moet, zal ik die tandenborstel wel even in mijn mond steken. Mmm, best wel lekker eigenlijk, die tandpasta. “Nog tandpasta!” Nog een beetje bewegen met die borstel in mijn mond. Voilà, klaar!
Serieus mens, ik zei toch dat ik klaar ben! Geloof je mij niet op mijn woord misschien? Wat je zelf doet, doe je beter? Echt, controlefreak, die moeder van mij!

Kleren aandoen. Yeah, tijd voor mama haar cardio! En hup, we rollen naar rechts. En terug naar links. Hahaaa, even haar buikspieren testen! Hihi, pak me dan, als je kan! Misschien toch mijn onderbroek omhoog, loopt net iets gemakkelijker…
“Neeeee, ik wil niet die t-shirt!”
“Nee, ik wil geen broek aandoen!” Ik ga wel in mijn blote billen naar de crèche. De genen van mijn papa gaven mij een mooie kont, dat mag toch gezien worden zeker!

7u15: Weer naar beneden. Zeg moeder, je moet weten wat je wil hé!
Amai, Warre ligt al in zijn maxi-cosi. Nog even broertje een zoen geven.
Nog een beetje spelen.

Jas aan? Waarom? Schoenen aan? Waarom?
Waarom kan ik niet gewoon thuisblijven?

7u30: “Oké, dan ben ik zonder jou weg. Daag, Sep!”

Neenee, wacht! Ik ga toch mee!

 

 

 

Over doodnormale zorgenkindjes en overbezorgde moeders

Ik heb twee zorgenkindjes. Of beter gezegd: ik heb zorgen over mijn twee kindjes.
Niet dat ze ernstige ziektes hebben of zo. Ze eten goed, groeien goed en ontwikkelen zich volgens het boekje. Maar toch. Ik heb zorgen over mijn twee kindjes.

Kindje 1, Sep: over de pasgeboren Sep had ik geen zorgen. Het kind blaakte van gezondheid en geluk. Hij was rustig en nooit ziek. Alleen zijn navelbreuk zou ooit eens moeten geopereerd worden als ze niet vanzelf genas, maar soit, zorgen voor later.
Toen kreeg hij de windpokken. En een oorontsteking. En bronchitis. En nog een oorontsteking. En nog één. En nog eens een luchtwegeninfectie.
De buisjes in de oren maakten gelukkig een einde aan de oorontstekingen. Maar niet aan de gevoelige luchtwegen.
Zijn eerste hardgekookte eitje bezorgde hem zijn eerste allergische reactie en zijn eerste trip naar het ziekenhuis voor een bloedtest.
Zijn eerste boterham met Nutella, een paar weken geleden, bezorgde hem zijn tweede allergische reactie. Nog een bloedtest. Jep: allergisch aan ei, hazel-(en waarschijnlijk ook andere)noten en huisstofmijt. Tripje naar de apotheek: EpiPen in tweevoud. Nog nooit las ik een bijsluiter zo nauwkeurig!
Zal ik hem ooit met een gerust hart bij een vriendje laten gaan spelen of op kamp laten gaan? Wat als hij daar koekjes krijgt met hazelnoten of chocolade-eitjes met praliné vulling? Nu zal hij altijd dàt kind zijn. Het kind dat moet zeggen dat hij dat en dat en dat niet mag eten. Nu zal ik altijd zorgen hebben. Allez, ik ben bang dat ik altijd zorgen zal hebben. (ben je nog mee?)

 

IMG_6822
Alweer een accessoire erbij om mijn grote mama-handtas mee te vullen…

 

Kindje 2 dan, Warre: bij hem was het anders dan bij zijn broer. Hij kende een niet zo goede start. Elf weken lang zaten we met onze handen in het haar bij de eindeloze krijsbuien (sorry, maar huilen kon je het bij momenten met de grootste wil ter wereld niet meer noemen). Ik ging op koemelkeiwitdieet. Hij ging aan de maagzuurneutraliserende medicatie.
De hypothese van koemelkeiwitallergie leek mij steeds onwaarschijnlijker, want ik zag geen verandering in de krampen. De medicatie hielp wel tegen de pijn van de reflux. Dat verschil zagen we wel. Verder onderzoeken dan maar. Er werden stalen van Warre’s bloed en andere lichaamssappen afgenomen en onder de microscoop bekeken. Op de echo van zijn buikje zag je veel lucht, maar verder niets speciaals.
Ik hoopte dat ze iets zouden vinden. Eender wat. Maar iets dat we konden behandelen. Dan konden we zijn pijn en het huilen laten ophouden.
Nope. Alles normaal.
Mijn gedachtengang op dat moment: “Er scheelt niets met ons kind. Ik ben gewoon te vermoeid om tegen een huilende baby te kunnen. Want ja, “alle baby’s huilen en ze kunnen niet zeggen waarom, hé!” (serieus, die zin bezorgt me ondertussen ook al het vliegend schijt – pardon my French) Zal het dan blijven zoals het nu is? Of beeldde ik het me allemaal maar in en was het eigenlijk toch niet zo erg als ik het aanvoelde?”

Neen, het was geen verbeelding. Warre had het lastig de eerste 11 weken van zijn leven. Dat is nu nog meer duidelijk. Nu hij het de laatste 3 dagen enkel op een krijsen zette als hij te lang op zijn eten moest wachten of in de maxi cosi moest. Dag en nacht verschil. Ook het lief en mijn mama zeggen dat hij precies een ander kind is. Hij is gelukkig! Hij lacht en speelt zodanig veel dat de opslagruimte van mijn gsm vol staat door de filmpjes en foto’s.  Sep is ook rustiger nu de baby minder huilt. Wij zijn rustiger. We moeten geen kilometers meer afleggen rond de tafel met een baby op de arm.
Het is alsof hij zelf van de dokter moest horen dat er niets mis was. Zijn lichaampje was zich gewoon nog “aan het zetten”. Zijn darmen en maag moesten nog “rijpen”. Hij moest er nog “uit groeien”.
Wat het ook is, het is blijkbaar voorbij.

IMG_6783
Jep, hij kan happy zijn én hij sliep zelfs al eens een nachtje door! Dan zijn wij ook heel happy! 🙂 

Nu ja, zo lijkt het toch.

 

Wij geloven het nog niet helemaal. Hoewel we echt blij zijn dat Warre zich duidelijk beter voelt, blijven we toch sceptisch. In ons hoofd kan hij vanavond weer twee uur liggen krijsen tot hij doodvermoeid in slaap valt op mijn arm. Of ontdekken we over enkele maanden dat hij net als zijn broer buisjes nodig heeft om van eeuwige oorontstekingen af te geraken. Of moet hij ook geopereerd worden aan zijn navelbreukje (jep, it runs in the family…). Of blijkt hij over een jaar ook allergisch te zijn aan de helft van mijn voorraadkast.

Of hij blijft gewoon rustig voortdoen zoals hij bezig is: goed eten, goed groeien en gelukkig wezen. Geen zorgen meer.

We hopen op het beste, ik bereid me voor op het ergste.

Twee jaar Sepliefde

dsc_1163-1

Al twee jaar ben je onze grote schattebol.

Al twee jaar ben je onze dikke vriend.

Al twee jaar lopen we over van trots bij elke stap die je zet.

Al twee jaar stel je ons geduld bij momenten serieus op de proef.

Al twee jaar van harten in duizend stukjes wanneer je huilt door pijn of ziekte.

Al twee jaar van “zo ne flinken!”

Al twee jaar van “die ogen!”

Al twee jaar die lach die ieder hart verovert.

Al twee jaar van twijfels over onze keuzes in jouw opvoeding.

Al twee jaar van bevestiging van jou dat we het toch niet zo slecht doen.

Al twee jaar van groeien: jij, maar ook wij.

Al twee jaar ben jij het middelpunt van de belangstelling in ons huis.

Al twee jaar zijn we zielsgelukkig dat jij in ons leven kwam.

Al twee jaar staan jouw papa en ik ervan versteld dat wij dit wondertje hebben gemaakt!

Al twee jaar niets dan grote liefde voor onze Sep.

Dat mag wel eens gevierd worden! 🙂

sep084
Fotocredit: Myra Fotografie